|
In de straten van New York staat een doos
met jonge katjes. Diverse voorbijgangers
nemen een poesje mee. Maar als het donker
begint te worden, blijft het weeskatje
Oliver over, niemand die hem wil. Het wordt
nacht, het regent en Oliver zoekt een goed
heenkomen op een wiel van een vrachtwagen.
De volgende morgen ontmoet Oliver de brutale
en bijdehante straathond Dodger. Dodger
leert Oliver dat je met teamwork een paar
worstjes kunt stelen bij worstverkoper
Louis. Maar als Oliver hem helpt, gaat
Dodger er alleen met de worstjes vandoor.
Oliver pikt dit niet en gaat achter Dodger
aan en maakt zo kennis met zijn vrienden, de
eigenwijze Mexicaanse hond Tito, de
gentleman Engelse bulldog Francis, de
goedige Deense dog Einstein en de schoonheid
hazewindhond Rita. De honden worden door de
arme Fagan gebruikt om te stelen, om zo de
schulden te betalen aan de gemene boef Sykes
en zijn gemene dobermanns. Op een dag
ontmoet Oliver het rijke maar eenzame meisje
Jenny. Zij neemt Oliver mee naar haar huis.
Sykes ruikt geld en ontvoert Penny. Oliver
zet met zijn hondengang een gewaagde
reddingsactie op touw. |